Spring naar navigatie Spring naar inhoud

Het belang van naastbetrokkenheid bij GGZ Drenthe

"“Door op tijd aan de bel te trekken kan een volgende opname soms voorkomen worden!”"

Monique Lancee, |

Samen werken aan herstel en kwaliteit van leven. Dat is waar we voor staan binnen GGZ Drenthe. Samen met patiënten én met naasten. We willen naasten zo veel mogelijk betrekken bij de behandeling. Maar lukt dat altijd? Wat maakt dat het goed gaat? Hoe kunnen we dat stimuleren? Monique Lancee, verpleegkundige op de High & Intensive Care (HIC) binnen GGZ Drenthe vertelt hoe ze hier binnen hun afdeling mee omgaan. 

“Bij de HIC worden patiënten opgenomen die psychische problemen hebben en hierdoor volledig ontsporen. Binnen de HIC werken twee teams van ongeveer 40 personen in uiteenlopende functies: verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten, agogen, psychiaters, psychologen, maatschappelijk werkers, geestelijk verzorgers en ervaringsdeskundigen. Kortom: een multidisciplinair team.”

Naastbetrokkenheid
Volgens Monique is het betrekken van naasten bij de behandeling van de patiënt ontzettend belangrijk. “Wij merken dat veel patiënten die hier komen niemand meer om zich heen hebben. Naast hun psychiatrische aandoening hebben ze vaak ook schulden, liggen ze in scheiding of zijn ze uit hun huurwoning geplaatst”, vertelt Monique. “Maar hoe klein het netwerk van de patiënt ook is, we proberen naasten altijd bij de behandeling te betrekken. We sparren met ze en vragen ze hoe het met hén is. Op deze manier krijgen we een completer beeld van wie de patiënt is buiten de kliniek. We weten wat degene doet, waar hij zich mee bezig houdt en wat helpend kan zijn. Laatst belde een zoon van een patiënt die was opgenomen in verband met een suïcidepoging, maar met een blanco voorgeschiedenis. De familie zat vol vragen: hoe kan zoiets gebeuren, waarom hebben we niks gezien en hoe kunnen we voorkomen dat het weer gebeurt? Wij gaan dan met de familie in gesprek. We vragen wat ze allemaal hebben meegemaakt. We werken met een signaleringsplan, deze is ingedeeld in verschillende fasen: rood, oranje, geel en groen. Naasten zien vaak snel in welke fase de patiënt zich bevindt. Ze herkennen wat er aan de hand is en kunnen hierdoor voorkomen dat een patiënt in crisis raakt door op tijd aan de bel te trekken. Hierdoor kan een volgende opname soms voorkomen worden.”

Psycho-educatie
“Daarnaast beleven mensen die opgenomen worden de dingen vaak heel anders dan hun naasten. Door hier met naasten over te praten, kunnen wij soms een soort uitlaatklep voor ze zijn. Maar we kunnen ze ook helpen. Met psycho-educatie geven we zowel patiënten als hun naasten handvatten bij het leren omgaan met de situatie. Hierdoor ontstaat inzicht en meer begrip”, licht Monique toe. 

Monique merkt flinke verschillen tussen patiënten met naasten die betrokken zijn bij de behandeling en patiënten die dit niet hebben. “Soms maken we mee dat mensen écht helemaal niemand hebben. Bij de opname geven ze dan hun ambulante behandelaar op als contactpersoon. Dat zijn echt schrijnende gevallen”, vertelt Monique. “Bij die mensen speelt eenzaamheid een grote rol. Zo hebben we bijvoorbeeld een patiënt die normaal gesproken behandeling thuis krijgt, maar door de coronamaatregelen heeft hij contact via beeldbellen en ziet hij dus veel minder mensen. Dat maakt het ook minder goed mogelijk na te gaan of hij zijn medicijnen wel neemt en zichzelf goed verzorgt. Zo iemand gaat er soms helemaal aan onderdoor. Naasten hebben vaak een signaleringsfunctie, ze trekken bij ons aan de bel als ze dit zien gebeuren. Op die manier wordt erger leed voorkomen. En soms kun je een behandeling zelfs sneller afbouwen als er iemand in de buurt is die hem of haar in de gaten houdt.”

Standaard
Monique betrekt naasten standaard bij de behandeling van patiënten. Zo plant ze maandelijks een dag vrij om alle dossiers bij langs te gaan. Monique: “Er zijn genoeg mensen van wie ik weet dat hun familie het prettig vindt om even gebeld te worden. Dus daar ruim ik bewust tijd voor in. Daarnaast geef ik bij het opnamegesprek - als er familie aanwezig is – altijd aan dat ze ons dag en nacht mogen bellen als ze zich zorgen maken. Ze mogen altijd contact opnemen; we vinden niet zo snel iets raar. De familie vindt dit vaak heel prettig. Ook vraag ik altijd of ze ’s nachts gebeld willen worden als dit noodzakelijk is. 

Voor kinderen in het gezin kan de opname van hun ouder schokkend zijn. Een kleine twee maanden geleden ben ik daarom een actie gestart. De aanleiding was een moeder van twee kleine kinderen die werd opgenomen. Moeder was psychotisch en de kinderen kwamen vervolgens op bezoek. Helaas ging het tijdens het bezoek helemaal mis, met als resultaat twee kinderen die compleet overstuur waren. Op het moment dat ik de kinderen rustig probeerde te krijgen, dacht ik: ‘had ik maar iets om aan ze te geven.’ Vervolgens heb ik een oproep geplaatst op LinkedIn met het verzoek om knuffelberen te doneren. Inmiddels heb ik al een kleine 170 beren ontvangen!” 

Meer weten? Klik hier